Verbindingen
De belangrijkste verbindingen die op de RS-232 interface voorkomen zijn in verschillende groepen te verdelen:
-
verbinding voor data transport
-
verbinding voor handshake signalen
-
ground
Ground (GND) is de gezamelijke referentie voor alle signalen op de interface. De verbinding is gedefinieerd op pin 7 van een 25-polige connector, en op pin 5 van een 9-polige connector. Naast GND is op de 25-polige connector nog een tweede 'aarde' gedefinieerd (op pin 1.) Deze verbinding heet 'protective ground' en wordt gebruikt voor de eventuele afscherming van de kabel. Deze pen is vaak verbonden met de kast van de computer of het modem.
Datatransport
Datatransport gaat via twee draden:
-
data van DTE naar DCE
-
data van DCE naar DTE
Van DTE naar DCE
Deze verbinding noemt men Transmit Data (TxD.) Via deze draad wordt informatie van de DTE naar de DCE getransporteerd. De verbinding is gedefinieerd op pin 2 van een 25-polige connector, en op pin 3 van een 9-polige connector. Voor de computer (de PC) is TxD een uitgang. Op een modem is TxD een ingang.
Van DCE naar DTE
Deze verbinding noemt men Receive Data (RxD.) Via deze draad wordt informatie van de DCE naar de DTE getransporteerd. De verbinding is gedefinieerd op pin 3 van een 25-polige connector, en op pin 2 van een 9-polige connector. Voor de computer (de PC) is RxD een ingang. Op een modem is RxD een uitgang.
Handshake signalen
Met behulp van de handshake signalen geven DTE en DCE elkaar te kennen in welke toestand ze verkeren. Er zijn handshake signalen die tijdens datatransport gebruikt worden, en handshake signalen die gebruikt worden om een verbinding op te bouwen.
Opbouwen verbinding
De standaard is in eerste instantie ontworpen om terminals via modems met elkaar te verbinden. Enkele van de handshake signalen zijn dan ook typisch voor modems.
Ring indicator
Met dit signaal (RI op pin 22 van een 25-polige connector, en op pin 9 van een 9-polige connector) geeft het modem aan de computer te kennen dat er een bel-signaal op de telefoonlijn gedetecteerd werd. Hierdoor kan de computer herkennen dat hij opgebeld wordt. Het signaal is een ingang op een DTE, en een uitgang op een DCE. Wanneer de RS-232 standaard gebruikt wordt om computers met elkaar te verbinden, wordt dit signaal meestal niet gebruikt.
Data Carrier Detect
Met dit signaal (DCD op pin 8 van een 25-polige connector, en op pin 1 van een 9-polige connector) geeft het modem aan de computer te kennen dat er een verbinding is tussen het modem en een ander modem. Hieraan kan de computer zien dat de modems een verbinding in stand hebben. Het signaal is een ingang op een DTE, en een uitgang op een DCE. Wanneer de RS-232 standaard gebruikt wordt om computers met elkaar te verbinden, wordt dit signaal meestal niet gebruikt.
Data Terminal Ready
Met dit signaal (DTR op pin 20 van een 25-polige connector, en op pin 4 van een 9-polige connector) geeft de computer aan het modem te kennen dat de computer klaar staat voor een verbinding. Als de computer dit signaal inactief maakt, zal het modem over het algemeen (na een time-out) de eventuele verbinding verbreken. Het signaal is een ingang op een DCE, en een uitgang op een DTE. Wanneer de RS-232 standaard gebruikt wordt om computers met elkaar te verbinden, wordt dit signaal meestal op een vast niveau gelegd (actief.)
Data Set Ready
Met dit signaal (DSR op pin 6 van een 25-polige connector, en op pin 6 van een 9-polige connector) geeft het modem aan de computer te kennen dat het modem klaar staat voor een verbinding. Als dit signaal inactief is, weet de computer dat het modem niet gereed is, en er dus geen verbinding gemaakt kan worden. Het signaal is een ingang op een DTE, en een uitgang op een DCE. Wanneer de RS-232 standaard gebruikt wordt om computers met elkaar te verbinden, wordt dit signaal meestal op een vast niveau gelegd (actief.)
Data transport
Twee handshake signalen besturen het datatransport tussen computer en modem. Deze signalen worden gebruikt als er een verbinding aanwezig is, en de computer data wil verzenden via het modem.
Request To Send
Met dit signaal (RTS op pin 4 van een 25-polige connector, en op pin 7 van een 9-polige connector) geeft de computer aan het modem te kennen dat de computer data wenst te verzenden. Het signaal is een ingang op een DCE, en een uitgang op een DTE. Wanneer de RS-232 standaard gebruikt wordt om computers met elkaar te verbinden, wordt dit signaal soms op een vast niveau gelegd (actief), maar wordt ook wel gebruikt waar het voor bedoeld is.
Clear To Send
Met dit signaal (CTS op pin 5 van een 25-polige connector, en op pin 8 van een 9-polige connector) geeft het modem aan de computer te kennen dat de computer data mag verzenden. Het signaal is een ingang op een DTE, en een uitgang op een DCE. Wanneer de RS-232 standaard gebruikt wordt om computers met elkaar te verbinden, wordt dit signaal soms op een vast niveau gelegd (actief), maar wordt ook wel gebruikt waar het voor bedoeld is.
|